Van taboe tot openheid: de nieuwe realiteit van hiv en seksuele vrijheid
Door Bruna Rodrigues Bastos
Terwijl hiv-diagnoses opnieuw stijgen en condooms minder vanzelfsprekend worden, blijft het hardnekkige taboe intact. Het boek Live to Tell brengt de vergeten geschiedenis en de huidige realiteit van hiv samen.Het boek maakt ook duidelijk waarom taboes en stigma’s doorbreken nog steeds nodig is.
Hiv vroeger en nu
Ingevallen kaken, fel vermagerde lichamen en rode huidvlekken. Wie de jaren tachtig heeft meegemaakt, herinnert zich de verontrusting rond hiv. Omdat de eerste zichtbare gevallen vooral voorkwamen bij homoseksuele mannen, werd de epidemie gereduceerd tot een ziekte die ‘bij hen’ hoorde. Zo raakten hiv en seksualiteit met elkaar verweven, en werd het onderwerp onbespreekbaar. En taboes werken als een domino-effect, watleidt tot onwetendheid, onwetendheid tot angst, en angst tot stigma. Immers, hoe groter de angst, hoe kleiner ieders vrijheid.
V.l.n.r.: Erwin, Robbert & Thomas. Foto: Pieter Brokx (Bron: Hiv Vereniging NL)
Vandaag ziet het scenario voor mensen met hiv er grotendeels anders uit. Auteurs Robbert Blokland en Matthijs Le Loux willen dat contrast zichtbaar maken en zo stigma’s doorbreken. Ze verzamelden verhalen nadat ze hadden gemerkt dat er nauwelijks Nederlandstalige literatuur over dit onderwerp bestond. In Live to Tell: het verhaal van hiv en aids in Nederland komen meer dan vijftig betrokkenen aan het woord. Zo interviewen ze Tim (28), die met hiv geboren is, en Thomas (30), die als jonge twintiger met het virus geïnfecteerd werd.
Meer vertrouwen, minder condooms
Het condoomgebruik bij jongvolwassenen loopt sterk terug,dat blijkt uit cijfers van Het Groot Condoomonderzoek (2024). 74 procent van de 16- tot 29-jarigen gebruikte een condoom bij de eerste keer seks. Bij het recentste seksuele contact zakt dat percentage tot 38 procent. Met andere woorden: naarmate vertrouwen groeit, verdwijnt het condoom vaak uit beeld.
Bij seksueel contact tussen mannen liggen de cijfers nog lager: 59 procent bij de eerste keeren 35 procent bij het recentste contact.
Het onderzoek toont ook dat attitude daarin een grote rol speelt, namelijk wie condoomgebruik als ‘normaal’ ziet, gebruikt ze vaker. Wie andere anticonceptie gebruikt, laat ze sneller achterwege. Dat lijkt logisch. Zwangerschapspreventie verschuift naar hormonale middelen. Vertrouwen vervangt voorzichtigheid, maar soa-preventie verdwijnt daarmee niet.
Stigma in de witte jas
Doeltreffende hiv-remmers zorgen ervoor dat mensen met hiv een sterke levenskwaliteit behouden. Wie de medicatie correct inneemt, kan het virus niet meer overdragen, ook niet bij seks zonder condoom. Medisch gezien is dat revolutionair. Sociaal gezien blijft het ingewikkeld.
In het boek wijst onderzoekster Sarah Stutterheim erop dat het stigma rond hiv nog bestaat. Sterker nog, het komt vaak voor in de zorgsector. Het begint subtiel: een blik, een aarzeling, een kleine afstand. Een tandarts die dubbele handschoenen aantrekt “voor de zekerheid”.
Die microreacties kunnen ervoor zorgen dat mensen gezondheidszorg mijden of hun status verzwijgen. Immers, stigma sluit geen deuren met geweld,het laat ze op een kier. Net genoeg om te voelen dat je niet helemaal welkom bent.De vraag die door het boek blijft nazinderen is daarom geen medische, maar een existentiële: hoeveel moed vraagt het om gewoon te bestaan?
Waarom zou je als twintiger dit boek lezen?
Live to Tell gaat niet alleen over het verleden, maar ook over de seksuele cultuur van vandaag. Over daten in een tijd waarin praten over condooms beladen voelt. Over “condoommoeheid”. Over het idee dat hiv iets van vroeger is.
Het boek herinnert ons eraan dat medische vooruitgang stigma’s niet automatisch wegneemt. Dat seksuele vrijheid samenhangt met kennis. En dat kennis pas werkt wanneer een open gesprek kan plaatsvinden. Dat is ook de reden waarom het boek op het nachtkastje van elke twintiger hoort, niet om angst te zaaien, maar om het gesprek te normaliseren.